|
Diabetes
Diabetes is een stofwisselingsziekte waarbij het lichaam onvoldoende energie kan halen uit de opgenomen suikers.
Er zijn meerdere soorten diabetes. De 2 meest voorkomende soorten diabetes zijn diabetes type 1 en diabetes type 2. Type 1 diabetes is de vorm waarbij er te weinig of geen insuline wordt aangemaakt door het lichaam. Insuline is een hormon dat aangemaakt wordt door het lichaam om suiker te kunnen opnemen in de cellen en om deze om te kunnen zetten tot een bruikbare energiebron. Deze vorm van diabetes is vooral bij jongeren terug te vinden. Type 2 diabetes is een vorm van diabetes waarbiji het lichaam ongevoelig is geworden voor de werking van insuline of waarbij het lichaam een tekort aan insuline ervaart. Dit type diabters heet men in de volksmond "ouderdomsdiabtes", omdat -zoals de naam al zegt- dit type diabetes vaker voorkomt bij ouderen. De laatste jaren kent dit type diabetes een sterke opmars, wat ten dele te wijten is aan de vergrijzing van de bevolking.
Diabetes kan iedereen treffen, maar er zijn wel risicogroepen: jongeren kunnen jeugddiabetes krijgen, oudere mensen krijgen ouderdomsdiabetes, zwangere vrouwen kunnen zwangerschapsdiabetes krijgen. Tot slot zijn ook zwaarlijvigen een risicogroep.
Symptomen die op op suikerziekte kunnen wijzen zijn onder meer droge mond, vaak moeten plassen vermoeidheid, vermageren, bleke huidskleur, steeds wederkerende ontstekingen, witte vaginale uitscheiding, hoofdpijn, beven, koud hebben, stemmingswisselingen, gezichtsproblemen, dorst enz.
Om te onderzoeken of iemand diabetes heeft, zal men een bloedtest uitvoeren. Aan de hand van een druppeltje bloed dat op een meetapparaatje gelegd wordt, kan men nagaan hoe hoog het suikergehalte in het bloed is. Hoe hoger dat suikergehalte in het bloed is, hoe groter de kans op diabetes. Want wanneer het bloedsuikergehalte in het bloed te hoog is, betekent dit dat het lichaam ofwel de suikers niet heeft opgenomen ofwel omdat het onvoldoende gevoelig is voor de opname van de suikers uit het bloed. Om van diabetes te kunnen spreken moet men de test meermaals hebben gedaan, met voorkeur op verschillende tijdstippen van de dag. Daarnaast moet het bloedsuikergehalte telkens boven de 6,9mmol/l zijn (bij nuchterheid) in Nederland of 126mg/dl in België.
U kunt altijd preventief werken door er een gezonde levensstijl op na te houden: let op met zwaarlijvigheid, controleer regelmatig het suikergehalte, beweeg regelmatig en informeer jezelf via de huisarts.
Home |