home

Psychologie: pathologie (ziekten)

Op deze pagina vind u: adhd, alcoholisme, angststoornissen, borderline, dementie, depressie, dyscalculie, geen bodem syndroom, kindermishandeling en kinderverwaarlozing, Munchausen by Proxi, oudermishandeling en ouderverwaarlozing, schizofrenie 

ADHD

Wat?

ADHD is de engelstalige afkorting voor Attention Deficit Hyperactivity Disorder. In het nederlands vertaalt men het ook soms als "alle dagen heel druk" of "aandachtstekortstoornissen met hyperactiviteit". En die laatste omschrijving is de meest nauwkeurige...

Medisch gezien is ADHD een neurobiologische stoornis. Bij de patiënt zijn de neurotransmitters (overdragers van zenuwimpulsen) "Dopamine" en "Norepinefrine" onvoldoende aanwezig. Deze neurotransmitters zorgen voor een verbeterde hersencelwerking. Ze staan vooral in voor:

  • het bedwingen van impulsiviteit
  • concentratievermogen optimaliseren
  • het beheersen en begeleiden van handelingen en reacties.

    De aandoening zorgt voor allerhande symptomen die het dagelijkse leven van de patiënt en zijn omgeving beïnvloeden. Zo zorgt ADHD ervoor dat er sprake is van:
  • Impulsiviteit 
  • Hyperactiviteit
  • Concentratieproblemen

Wie?

Vroeger dacht men dat enkel kinderen aan ADHD konden lijden en dat het er met de jaren zou uitgroeien. Na onderzoek is gebleken dat die stelling foutief is. Ook volwassenen (18+) kunnen deze aandoening hebben. Met andere woorden: ADHD is géén kinderpsychiatrische aandoening. Het is wel een aandoening die in een vroeg levensstadium geconstateerd kan worden: al vanaf de zevenjarige leeftijd kan er een diagnose gesteld worden.
Bovendien komt ADHD ook vaker voor bij mannen dan bij vrouwen.
ADHD is genetisch bepaald: het zit dus in je genen. Om te begrijpen wat genen zijn, is het interessant om eerst wat meer te weten over de chromosomen. Een chromosoom maakt het verschil tussen man en vrouw. Een man draagt een X en een Y chromosoom, terwijl vrouwen een XX chromosomen draagt. In de chromosomen zitten fragmenten van wat we "genen" noemen. Die genen zijn opgebouwd uit DNA. We kunnen die genen ook wel "databanken van het lichaam" gaan noemen want zij bepalen hoe je er uit zal zien (vb je haarkleur, je type huid etc), wat jou gaves en zwaktes zullen zijn etc.

Symptomen? Signalen? Klachten?

ADHD is geen aandoening die je van buitenaf kan zien. Het is een aandoening die enkel zichtbaar is aan het gedrag.
Er zijn 3 verschillende types ADHD - ADD en HDD, toch moet men altijd onthouden dat de symptomen erg wisselend zijn:

  • ADD = aandachtsproblemen, maar (weinig of) geen problemen met impulsiviteit of hyperactiviteit
    • veel dagdromen
    • doet alles stukje voor stukje
    • is weinig actief
    • werkt en denkt erg langzaam
    • heeft moeite met het opstarten en afhandelen van een taak
    • maakt veel veranderingen in z'n leven
  • HDD = alleen hyperactiviteit en impulsiviteit, maar (weinig of) geen aandachtsproblemen
    • doen zonder denken
    • praten zonder denken
    • onrustigheid in gedachten en handelingen
    • moeilijk kunnen stilzitten
    • vaak veranderingen aanbrengen in het z'n leven
  • ADHD = hyperactiviteit, impulsiviteit en concentratieproblemen
    • snel afgeleid
    • met veel dingen tegelijk bezig
    • (over)actief 
    •  wil alles snel afwerken, ook als het dan maar half gedaan is
    • wil aan 101 dingen beginnen maar werkt moeilijk de zaken af
    • handelt vooral door de impulsen, zonder het nadenken over de consequentie's.
    • onrustige gedachten, gesprekken, handelingen, bewegingen

Enkele typische voorbeelden van problemen:

  • Chronische vergeetachtigheid
  • Moeite met het maken van een tijdsindeleing
  • Teveel tegelijk doen
  • Moeite met het bijhouden van de financiële mogelijkheden
  • Vaak verhuizen - van job veranderen  etc
  • Handelen zonder na te denken over de consequentie's
  • Moeite met zelfbeheersing
  • Moeilijk grenzen kunnen leggen en zich daaraan houden
  • Onvoldoende presteren
  • Moeite met het bijhouden en/of interpreteren van de administratie
  • Extreme activiteit die afgewisseld word met extreme inactiviteit
  • Aanhankelijkheid
  • Snel teleurgesteld zijn en moeilijk van dat gevoel af geraken
  • Snel aan een taak beginnen maar die niet afwerken
  • Hulp weigeren als die geboden wordt
  • Concentratie-moeilijkheden
  • Moeilijkheden hebben met langdurige situatie's (vb file, lang aan tafel zitten, kassa-rij)
  • Afdwalende gedachten als men in een gesprek zit
  • Tijdens het gesprek ineens over iets anders beginnen of de ruimte verlaten
  • Erg hartstochtelijk zijn en heel intense emotie's beleven
  • Veelvuldig piekeren en op momenten dat het beter zou zijn om 2 keer na te denken, impulsief reageren
  • Omgekeerd levensritme: 's nachts vanalles doen en overdag slapen
  • Vergeten waar men iets gelegd heeft
  • Veelvuldig details over het hoofd zien
  • Niet graag taken uitvoeren die concentratie vragen 
  • Moeilijk een planning kunnen opmaken en zich daaraan houden.
  • Rusteloosheid: friemelen, moeilijk stilzitten, ijsberen, over 2 dingen tegelijk praten,...
  • Prikkelbaarheid
  • Gulheid (al dan niet extreem)
  • Prikkelbaarheid
  • Niet op de beurt kunnen wachten
  • Zich snel aangevallen voelen

Onderzoek? Diagnose?

Alvorens een arts een diagnose kan stellen, moet men:

  • Zeker aan 6 symptomen van de bovenstaande categorie beantwoorden
  • Moeten de symptomen al duidelijk zichtbaar geweest zijn voor het 7de levensjaar
  • Moeten de symptomen in verschillende situaties voorkomen (vb als de patiënt rustig of gejaagd is, op het werk of thuis is etc)
  • Moeten de symptomen duidelijk de prestatie's beïnvloeden, zowel op het werk als thuis, onder vrienden etc
  • Er zeker van zijn dat de symptomen niet het gevolg zijn van een andere stoornis.


Om een diagnose te kunnen stellen, overloopt men een bepaalde procedure vol met tests. Of het doorlopen van die procedure noodzakelijk is, is een keuze die u samen met uw begeleidende hulpverlener en uw omgeving maakt. Het kan noodzakelijk zijn: als men een klare bevestiging wil of er al dan niet sprake is van ADHD of als men uit test wil gaan weten welke de talenten, kwaliteit en goede eigenschappen zijn van de patiënt (dat kan het proces van de aanvaarding beïnvloeden)

  • De amnese
    • De hulpverlener stelt vragen over het gedrag in de kinderjaren, de medische voorgeschiedenis, de schoolprestaties, het gedrag thuis, de werkervaringen, de ziekte geschiedenis in de familie, het huidig functioneren etc. Zo'n gesprek kan men ook doen met de omgeving van de patiënt zodanig dat er niet enkel in één richting gekeken kan worden en omdat de meeste patiënten met ADHD minder zelfkennis hebben.
  • Bespreking van verlagen, rapporten
    • De hulpverlener bekijkt oude schoolrapporten, werkprestatie's etc
  • Test voor de cognitieve vaardigheden
    • Het meten van de concentratie, plannings-eigenschappen, geheugentests, tijdsindeling-test etc
  • Tests op gebeid van mogelijke leerproblemen
    • De patiënt moet een leestest, schrijftest, rekentest, verbale expressietest en verbaal begrip-test afleggen.
  • Neurologisch onderzoek
  • Andere medische test
    • S.P.E.C.T scan die de bloedstroom in het hart opmeet
  • Psychologische tests

Alcoholisme

Wat?

Onder alcoholisme, drankzucht of alcoholverslaving, verstaat men algemeen dat de persoon in kwestie niet meer in staat is om goed te functioneren in het dagelijkse leven door zijn of haar drang naar alcohol. Mensen die vaak drinken gaan minder goed functioneren in het gezin, op het werk, bij de hobby's en in het sociale leven. Bij een alcoholverslaving is er sprake van een lichamelijke én psychische afhankelijkheid. Goed om te weten is dat de lever ongeveer anderhalf uur tijd nodig heeft om een glas alcohol af te breken.

Wie?

Iedereen die niet voldoende functioneert zonder enige hoeveelheid alcohol gedronken te hebben kan een probleem hebben. Vooraleer men spreekt van "alcoholisme" spreekt men eerst van "probleemdrinken". Nadat men een kleine hoeveelheid gebruikt heeft van alcohol heeft men het gevoel niet meer te kunnen stoppen met het gebruik van alcohol.

Stadia?

Omdat het drinken van alcohol sociaal aanvaard is, hebben mensen het meestal niet meteen door dat ze effectief een probleem hebben. Verslavingen zijn veelal een gevolg van verschillende stadia die de persoon in kwestie al doorlopen heeft:

  • Experimenteer-fase
    • Iemand drinkt uit pure nieuwsgierigheid een glas alcohol. En wat als je dat gaat mengen met iets anders?! Of als er meer van gedronken wordt? Men voelt zich door het gebruik tijdelijk ontspannen, overdoofd en zelfs opgewekt.
  • Geïntegreerd gebruiks - fase 
    • De persoon in kwestie heeft het gevoel dat hij/zij beter functioneert door het gebruik van alcohol. Niemand uit de omgeving heeft hier echter (veel) last van
  • Overgebruiks-fase
    • In deze fase zal de omgeving hier ook hinder van ondervinden. De persoon moet alchol gebruiken om zich goed te voelen en om zaken van zich af te kunnen zetten.
  • Verslavings-fase
    • Alcohol overheerst alles: lichamelijke, psychische en sociale verwaarlozing treed op.

Risico?

Er zijn heel wat risico's aan alcoholisme verbonden:

  • alcoholintoxicatie (alcoholvergiftiging)
  • coma
  • kanker (verschillende kankers kunnen het gevolg zijn van alcoholisme, denk maar vb aan
  • elkanker)
  • sterfte
  • verlies van werk, gezin, sociale contacten, eigen bezittingen (huis, wagen vb)
  • iemand lichamelijk of psychisch kwetsen 
  • neurologische problemen: aantasting van de hersenen, aantasting van de zenuwen
  • ontstekingen (slokdarmonsteking, keelontsteking, maagontsteking,...)
  • bloedbaanproblemen (vergroting van het hart, verwijding van de aderen)
  • psychische problemen (hallucinatie's, gevoel van onmacht, ...)
  • orgaanbeschadiging (leverontsteking

Oorzaken?

De precieze oorzaak is moeilijk te gaan achterhalen: gaat het om het experimentele gedrag die zodanig uit de hand gelopen is? Gaat het enkel en alleen om aanleg tot alcoholisme? Zoekt men naar de 'kick' (of de gevoelens waarvoor alcohol zorgt bij dronkenschap) die alcohol met zich meebrengt?

Symptomen? Signalen? Klachten?

Zonder alcohol functioneert men niet goed meer, men voelt zich...

  • misselijk
  • onzeker
  • bang
  • onrustig
  • prikkelbaar
  • een snellere hartslag hebben
  • de controle kwijt hebben over "de alcohol": je drinkt meer dan je wil - je moet meer drinken om hetzelfde effect te krijgen.
  • zweten (transpireren)
  • dorstig

Men ervaart dat een leven zonder alcohol niet meer zo vanzelfsprekend lijkt. Dat merkt hij/zij omdat hij/zij meer zin heeft in alcohol, de persoon vind het kopen van alcohol belangrijker dan het kopen van voedingswaren, andere mensen in de omgeving zeggen dat je teveel drinkt, ...

Behandeling?

Zelfhulp (kan bij de zelfgroephulp als de AA)
Behandeling in een gekende instelling
Opname in het ziekenhuis (niet louter voor alcoholisme, maar vooral voor achterliggende problemen)
Medicinale behandeling
Ontgifting van het lichaam

Angststoornissen

Wat?

Men spreekt van een angststoornis, als een persoon zo'n grote angst heeft voor iets (uiteenlopend van een situatie, een dier, een ziekte,...) dat de angst zijn dagelijkse leven beïnvloed. Vaak gaan angststoornissen samen met andere psychologische aandoenigen (zoals depressie) en/of klachten.

Wie?

Iedereen kan aan een angststoornis lijden

Soorten?

Er zijn verschillende soorten angststoornissen, die elk genoemd zijn naar de oorzaak van de angst.

  • Angorafobie of pleinvrees
    • Is een extreme angst voor alle plaatsen waar men niet onmiddellijk weg kan (vb bioscoop
  • Dwangstoornis
    • Er zijn 2 soorten dwangstoornissen
      • Obessie of dwanggedachten zijn gedachten die de patiënt heeft waar hij geen controle over heeft
      • Compulsieve handelingen zijn handelingen die de patiënt uitvoert waar hij geen controle over heeft
  • Gegeneraliseerde angststoornis
    • Zijn chronische paniek-aanvallen
  • Hyperventilatie
    • Zie 'neurologische aandoeningen'
  • Posttraumatische stress-stoornis
    • Komt voor bij mensen die iets ingrijpends meegemaakt hebben.  Er zijn verschillende manieren hoe men een PTSS kan meemaken:
      • Men herbeleeft de situatie steeds weer opnieuw
      • Men blijft steeds attent 
      • Men vermijdt gelijkaardige situaties 
  • Sociale fobie
    • Ook in deze vorm bestaan er subgroepen maar het gemeenschappelijk kenmerk die deze fobie heeft, is dat men bang is om onder (on)bekenden te komen.  Men is bang om herkent te worden, om iets verkeert te zeggen of te doen,...
  • Specifieke fobie
    • Is een angst voor situaties, voorwerpen, dieren, ... die het dagelijkse leven beïnvloed. Zoals spinnen-fobie, tunnel-fobie, smetvrees (angst voor micro-organismen), hypochondrie (angst om ziek te worden), emetofobie (angst om over te geven) ,...

Symptomen? Signalen? Klachten?

Er zijn verschillende symptomen voor elke angststoornis op zich. Voor meer info, zie www.angstcentrum.be

Behandeling?

De behandeling bestaat meestal uit een combinatie van verschillende behandelingen.

Medicinale behandeling
  Deze worden door uw huisarts voorgeschreven

Therapeutische behandeling
   CET-therapie
   GT-therapie of cognitieve therapie

Borderline

Wat?

Borderline is een persoonlijkheidsstoornis die alleen door een psychiater kan vastgesteld worden.

Wie?

Borderline is zeker geen zeldzame aandoening en het zijn vooral vrouwen die lijden aan borderline.
Deze persoonlijkheidsstoornis komt vooral tot uiting bij 18 tot 25 jarigen.
Tussen 20 en 30 jaar zijn de symptomen het hardnekkigst.

Risicofactoren? Oorzaken?

  • Er zou mogenlijk aanleg kunnen zijn voor deze aandoening
  • Het verleden
    • Sommige borderlinepatiënten voelden zich niet voldoende aanvaard en begrepen
    • Traumatische ervaringen
  • De situatie waarin de borderline-patiënt zit

Symptomen? Signalen? Klachten

  •  Stemmingswisselingen (in uitersten)
  • Woede-uitbarstingen
  • Erg emotioneel zijn
  • Verward zijn
  • Moeilijk sociale contacten kunnen leggen 
  • Moeilijk alleen kunnen zijn
  • Verslaving aan gokken, eten,...
  • Impulsief zijn
  • Dreigen met zelfddoding, 
  • Wisselende relaties

Het kan erg moeilijk zijn om met iemand te leven die aan borderline lijdt omdat de stemmingswisselingen van de persoon in kwestie een grote druk kunnen stellen op de relatie(s).

Behandeling?

De behandeling kan bestaat uit een combinatie van verschillende behandelingswijzen.

  • Psychotherapie 
    • Gedragstherapie
    • Cognitieve therapie
    • Inzichtgevende psychotherapie
  • Alternatieve geneesmiddelen
  • Medicamenteuze behandeling
    • Er bestaan geen medicijnen die borderline kunnen genezen. Er zijn wel geneesmiddelen die sommige klachten kunnen verminderen. Denk hierbij aan:
      • Antipsychotica
      • Antidepressiva
      • Tranquillizers

Dementie

Wat?

Dementie is een syndroom waarbij het geheugen stapsgewijs achteruit gaat waardoor er cognitieve (denken, taal, geheugen,...) problemen ontstaan. Die cognitieve vaardigheden gaan na verloop van tijd zodanig erg achteruit dat de patiënt problemen ondervind met de dagelijkse vaardigheden. Dementie is dus niet zomaar vergeetachtigheid, het is veel meer dan dat. Uiteindelijk gaat het om een proces dat onomkeerbaar is en dat in het begin soms nauwelijks te herkennen is, want de patiënten op zich kunnen in het beginstadium hun probleem erg goed camoufleren.

Wie?

Dementie is een fenomeen dat vaak voorkomt, vooral nu er een sterke vergrijzing optreed in de wereld.

Oorzaken?

Er zijn verschillende oorzaken van dementie, afhankelijk van het type dementie die men heeft. Zo kan Alzheimer, de meest gekende vorm van dementie, veroorzaakt worden door een progressief aftakelen van de hersencellen én een tekort aan een bepaald type eiwitten in de hersenen. Maar er zijn ook andere ziekten die dementie met zich meebrengen. Vitaminetekort kan in sommige situaties ook voor dementie zorgen, geneesmiddelenmisbruik kan ook soms aan de basis liggen.

Symptomen? Signalen? Klachten?

  •  Problemen met het korte termijngeheugen
    • Iemand vraagt drie keer kort na elkaar aan een bezoeker of hij/zij koffie wil4
    • Als iemand vraagt wat de patiënt een uur geleden gegeten heeft, weet hij/zij het niet meer
  • Oriëntatiemoeilijkheden
    • De patiënt loopt doorheen de gang maar kan zijn eigen kamer niet meer terugvinden.
    • De patiënt is vergeten dat hij/zij opgenomen is in het ziekenhuis en slaat in paniek. 
  • Tijdsbesef problemen
    • De patiënt weet niet meer welke dag/maand/jaar we zijn.
    • De patiënt heeft minder/geen begrip over dag/nacht.
  • Opeenvolging van handelingen vergeten
    • De patiënt vergeet hoe hij/zij zich moet aankleden
  • Reken- en taalvaardigheden gaan achteruit
    • Vreemde zinsconstructies opmaken, woorden vergeten,...
    • Eenvoudige sommen moeilijk kunnen maken, moeilijk omgaan met geld,...
  • Verandering van karakter - gedrag
    • Iemand die vroeger erg sociaal was, wil nu liever de dagen voorbrengen in eenzaamheid.
  • Problemen met het lange termijngeheugen
    • Men haalt de zaken uit het verleden naar het heden: heden en verleden zijn niet meer uit elkaar te halen
    • Dingen die men vroeger meemaakte en als ingrijpend aanschouwd werden, zijn nu geheel weg
    • Geen gezichten meer herkennen
  • Regressie
    • Terugkeren naar de "basis van de mens": eten - drinken - slapen - behoefte doen - geborgenheid voelen - ...

Er zijn ook enkele gevoelens die vaak bij dementie verschijnen: machteloosheid, depressie, verdriet, schuldgevoel,... Houd zeker ook rekening met die gevoelens!

Behandeling?

  • Probeer de demente persoon niet te verbeteren (geen geheugenoefeningen maken vb) maar begeleid
  • Heb begrip voor z'n situatie en de machteloosheid die hij/zij voelt
  • Besef dat de patiënt hier zelf geen vat op heeft
  • Breng geen grote veranderingen aan in de omgeving, levenswijze etc van de patiënt
  • Stimuleer de dementerende in wat hij/zij wel goed kan/doet
  • Probeer geen té moeilijke gesprekken aan te knopen met de patiënt
  • Vermijd lange zinnen, opvolgende taken (eerst gaan we je wassen, daarna aankleden en dan mag je eten vb)
  • Vermijd moeilijke woorden, ingewikkelde thema's
  • Praat niet "over" een persoon maar "met" een persoon.
  • Zorg ervoor dat de patiënt zich niet dom of schuldig voelt 
  •  Zorg voor een warme, geborgen omgeving
  • Geef de patiënt tijd om te denken, te antwoorden, te handelen, te praten,...
  • Doe niet uit de hoogte, maar laat hem/haar voelen dat hij/zij ook met een mens praat
  • Praat niet over het onderwerp "dementie" of wat het volgende stadium van de ziekte ook mag zijn
  • Weet dat "hoe" je iets overbrengt naar de patiënt erg belangrijk is (gebaren, lage stemgebruik vb)
  • Aanrakingen, mimiek, stemintonatie, rustige gedragingen zijn erg belangrijk voor de dementerende
  • ...

Op dit moment zijn er geen geneesmiddelen die de patiënt kunnen "genezen" van z'n dementie. Het enige wat men kan doen is trachten om de dementie te stabiliseren maar dat is op de dag van vandaag ook nog vaak een kwestie van "tasten in het duister".

Depressie

Wat?

Depressie is een ziekte waarbij men zich gedurende lange tijd 'down' of 'neerslachtig' voelt. Deze toestand beïnvloed de zijn dagelijkse bezigheden. Het is een aandoening die steeds vaker voor komt maar helaas wordt deze term ook vaak ten onrechte gegeven. 

Wie?

Iedereen kan een depressie krijgen. Zo is er nu sinds een aantal jaren ook steeds meer sprake van 'tienerdepressies'. Maar de meeste gevallen van depressie komen vooral voor bij mensen van begin de twintig of midden de veertig. Het zijn vooral vrouwen die te kampen krijgen met een depressie.

Soorten?

Er zijn verschillende soorten depressies. Men klasseert ze naargelang de situatie waarin men verkeert op het moment van
de depressie. Enkele voorbeelden zijn:

  • Prenatale depressie (voor de geboorte)
  • Postnatale of postpartum depressie (na de geboorte)
  • Winterdepressie
  • Manisch-depressief (afwisselend heel opgewek en daarna een fase van intense neerslachtigheid)

Risicofactoren? Oorzaken?

  • Depressie kan een familiale aandoening zijn
  • Mensen die te kampen hebben met een ziekte of aandoening hebben meer risico op depressie
  • Mensen die pessimistisch(er) zijn, die moeite hebben met positief denken hebben eveneens meer risico op depressie
  • In een stress-volle situatie verkeren (vb: voor de eerste keer moeder worden, een scheiding, een overlijden,...)

Symptomen? Signalen? Klachten?

Ieder depressief persoon voelt zijn of haar depressie aan op een andere manier.
Men voelt zich gedurende een langere tijd:

  • Neerslachtig of 'down'
  • Moe
  • Futloos
  • Verveelt zich gemakkelijk
  • Triestig, verdrietitig
  • Hulpeloos
  • Wanhopig
  • Prikkelbaar 
  • Schuldig
  • Rusteloos
  • De kleinste tegenslag lijkt onoverkomelijk
  • Je hebt hebt het gevoel nergens meer plezier in te beleven 
  • Je kunt nog erg moeilijk lachen

Daarbij kan ook horen:

  • Maagpijn of hoofdpijn
  • Veranderd slaappatroon
  • Zelfmoordgedachten
  • Veranderd voedingspatroon
  • Problemen met concentratie, nadenken, vergeetachtigheid,...
  • Angstaanvallen
  • Verminderde interesse in het dagelijkse leven

Onderzoek?

Soms spreekt men ten onrechte van een depressie. Dit gaat dan over mensen die zich gedurende een korte tijd wat down of neerslachtig voelen. In dat geval kan men niet spreken van een depressie.
Om te weten of u aan een depressie lijdt of u gewoon neerslachtig bent, kunt u een depressie-checklist invullen.
Die kan u al wat meer info geven over uw gemoedstoestand:

  • Ik voel me constant verdrietig
  • Ik voel me constant uitgeput
  • Ik voel me hulpeloos
  • Ik voel me waardeloos
  • Ik voel me schuldig
  • Ik voel me geprikkeld (of men zegt dat ik geprikkeld ben)
  • Ik voel alles als 'uitzichtloos' aan.
  • Ik heb geen honger meer of ik heb constant honger
  • Ik heb geen zin meer om iets te doen
  • Ik heb geen interesse meer om iets te doen
  • Ik kan me niet meer concentreren
  • Ik heb het gevoel dat ik geen baas meer ben over mijn gedachten
  • Ik denk soms aan zelfmoord
  • Ik vind dat het leven geen zin meer heeft
  • Ik voel me onrustig en gespannen

Als u veel van bovenstaande factoren herkent bij uzelf, is het raadzaam om uw huisarts te contacteren. Hij kan uw vermoeden bevestigen of weerleggen.

Weet goed dat de symptomen van een nakende depressie niet altijd verwijzen naar een depressie. Stel: iemand voelt zich oververmoeid en grieperig. Na een aantal verschillende medicijnen uitgeprobeert te hebben blijkt dat de symptomen van de grieperigheid en vermoeidheid niet overgaan. Op de lange duur kan blijken dat dat die persoon geen griep heeft maar wel een depressie.

Behandeling?

Men kan een depressie op verschillende manieren behandelen. De behandeling kan ook een combinatie zijn van verschillende behandelingswijzen samen. Voor de omgeving is het belangrijk om te erkennen dat iemand een depressie heeft. Het heeft voor de patiënt zelf geen enkele zin dat u z'n gevoel probeert te minimaliseren, in tegendeel, hij/zij voelt zich dan door z'n omgeving niet begrepen wat voor een nog grotere treurnis kan zorgen bij de patiënt. Probeer de patiënt ook niet te forceren om zaken te ondernemen of om snel beter te worden. Een gesprek met een deskundige is l even zinvol voor de patiënt zelf als voor z'n naaste omgeving. 

Medicinale behandeling
Antidepressiva (medicijnen die stemming, eetlust, concentratie en slaappatroon bijsturen)

Therapieën
Psychotherapie kan nuttig zijn bij het ondersteunen van de patiënt en de omgeving. De patiënt wordt geholpen om de gedachten te ordenen. De oorzaak van de depressie wordt hier behandeld.

Dyscalculie

Wat?

Dyslexie is een stuk gekender dan dyscalculie. U kent dyslexie misschien als "woordblindheid", terwijl "dyscalculie" beter zo moeten gekent zijn onder de naam "rekenblindheid". Het is niet zoiets als een beetje moeilijk kunnen rekenen, maar het is werkelijk een onkunde die de dagelijkse bezigheden beïnvloed. Het valt onder de noemer van neurobiologische stoornis.  De lijn tussen "rekenmoeilijkheden" en "dyscalculie" is natuurlijk erg moeilijk te trekken, vandaar dat men meestal pas van dyscalculie spreekt wanneer er grote inspanningen gedaan werden voor het verbeteren van de rekenvaardigheden, maar die weinig uithaalden. Ondanks de intensieve inspanningen blijft de leerachterstand groot.

Wie?

Dyscalculie komt voor zowel bij kinderen als bij volwassenen.

Oorzaak?

De oorzaak is tot op de dag van vandaag nog steeds onbekend, hoewel men goede inspanningen doet om de oorzaak te achterhalen.

Symptomen? Signalen? Klachten?

De symptomen kunnen erg uiteenlopend zijn en zijn soms moeilijk te omschrijven. Dyscalculie kunt u herkennen aan kleine, specifieke zaken zoals:

  • Het omwisselen van cijfers (zesennegentig = 69)
  • Moeilijk cijfers kunnen laflezen
  • Moeilijk kunnen kloklezen
  • Decimale cijfers niet kunnen lezen
  • Romeinse cijfers niet kunnen lezen
  • Lengtes, gewichten en groottes moeilijk kunnen inschatten (hoe ver is 100m?)
  • Cijfers moeilijk terugvinden in een cijferreeks (meetlat, dashbord,...)
  • Moeilijk cijfers kunnen onthouden (op lange en korte termijn)
  • Vaak gebruik maken van een rekenmachine
  • Digitale klokken verkiezen boven analoge klokken
  • Moeilijk kleuren en vormen kunnen benoemen
  • Meedere keren opnieuw moeten beginnen tellen
  • Hoeveelheden niet kunnen inschatten
  • Afspraken en uren vergeten
  • Trager werken
  • Kleingeld vermijden
  • Blijven op de vingers tellen
  • Vergeten hoe je kunt cijferen of hoofdrekenen,...
  • Moeilijk kunnen inschatten hoe lang iets duurt, hoe groot iets is, hoe ver iets is
  • Cijfers verder uit elkaar schrijven
  • Cijfers groter schrijven
  • Eenvoudige sommen niet uit het hoofd weten
  • Niet met maatbekers kunnen werken
  • Geen logica zien in cijferreeksen
  • Spelregels en recepten niet kunnen opvolgen
  • Een minder goed geheugen hebben
  • Geen wijs raken uit de verschillende stappen van de wiskunde oefening
  • Niveaugerichte oefeningen niet kunnen aankunnen
  • Moeilijk symbolen kunnen interpreteren (muzieknoot  of < en > vb)
  • Moeilijkheden ondervinden bij het spelen van strategische spellen.
  • Moeilijk volgordes kunnen bijhouden
  • Problemen ondervinden met rekenkundige taal: "meer", "minder", "de helft van", "half twee", "goedkoop", "veel"...
  • Cijfers verkeerd interpreteren: zoals 0 en 8, 6 en 9,...
  • Getallen niet kunnen splitsen: zoals 8 = 5 en ?
  • Bij vraagstukken niet kunnen onderscheiden wat belangrijk is en wat niet
  • Kennis moeilijk kunnen toepassen van de ene oefening op de andere
  • Niet kunnen inschatten hoeveel een rekensom ongeveer zal zijn
  • Last hebben van drukte
  • Grafieken, tabellen en diagrammen met veel moeite kunnen aflezen
  • Moeilijk grote getallen kunnen lezen of schrijven
  • Te veel cijfers noteren in een getal of net te weinig cijfers noteren
  • Moeilijk het verschil onthouden tussen de windrichtingen, link en rechts,...
  • Moeilijk zelf de sommen inschatten (6 minder dan 240)
  • Moeilijk geld kunnen beheren: extreem spaarzaam zijn vb, geen budgetplan kunnen opstellen,...
  • Angst voor cijfers, geld, kloklezen,...
  • Normale of bovenmatig goed talent tot taalkunde en wetenschappen (tot aan de wiskunde)

Wanneer je de bovenstaande lijst bekijkt, merk je dat het meer dan alleen de wiskunde les is die moeilijkheden met zich meebrengt. Ook vakken als economie en boekhouden, aardrijkskunde, geschiedenis, fysica, chemie, technologische opvoeding en muziek kunnen moeilijk  zijn voor de mensen die dyscalculie hebben.

Onderzoek?

Dyscalculie kan worden getest bij professioneel opgeleiden, daarvoor kunt u o.a bij het centrum voor leerlingbegeleiding terecht (C.L.B)

Risico?

Eerst en vooral is er vaak al een grote leerachterstand, temeer omdat er soms maar erg laat aan dyscalculie gedacht wordt. Daarnaast heeft de persoon in kwestie ook dikwijls een erg laag zelfbeeld als het gaat om rekenen, gebruik van cijfers, kloklezen,... Bovendien blijven de fouten komen omdat er geen pasklare oplossing is voor het probleem: je kunt er enkel leren mee leven, en hulpmiddelen gebruiken.

Behandeling?

Een behandelende remedie zoals geneesmiddelen of therapie bestaat er nog niet. Men kan wel vb aan de hand van een logopediste wat tips krijgen die u een stuk kunnen vooruithelpen maar dan bestaat de kunst er nog in om de tips te onthouden...

Als ouder of leerkracht is het dé ultieme boodschap om te begrijpen dat de persoon in kwestie niet  "dom" of "verstrooid" is. Daarmee heeft het niks te maken: zoals gezegd is het een neurobiologische stoornis. Wat kun je dan wel doen?

  • Verbaal en/of non verbaal motiveren en stimuleren
  • Meer tijd geven om te rekenen
  • Kladpapier toestaan
  • Gebruik maken van een rekenmachine
  • Gebruik maken van digitale klokken
  • Gebruik maken van een agenda
  • Afspraken opschrijven
  • In een rustige omgeving berekeningen doen
  • Papierne maken met daarop tips, formules,...
  • Helpen met het sturen van de richting waarin men verder moet gaan voor het vinden van een oplossing
  • Zoveel mogelijk op papier (laten) zetten in plaats van gegevens mondeling mee te geven
  • Gebruik maken van moderne aparatuur zoals gsm met kalenderfunctie, calculator,...

Geen bodemsyndroom - bodemloosheid - GBS - bodemloos kind

Wat?

Het Geen-Bodem-Syndroom wordt ook wel 'bodemloosheid' genoemd of 'RHS'. Bodemloze kinderen ervaren problemen bij het zich hechten aan hun ouder(s). Wanneer deze kinderen in de volwassenheid komen, wordt dit syndroom 'borderline' genoemd.

Wie?

  • Vooral kinderen die geadopteerd werden
  • Kinderen die voor hun 18 maand (soms abrupt) voor korte of langere tijd een storing ervaarden in het verzorgen van het kind of de band tussen ouder(s) en kind.
  • Kinderen die in hun eerste levensjaren heel wat uren in de kinderopvang hebben doorgebracht
  • Ouder(s) die een tijd niet voor hun kind hebben kunnen zorgen (postnatale depressie, couveusekindjes,...)
  • Kinderen die verwaarloosd en afgewezen werden
  • Een moeder die tijdens haar zwangerschap veel stress gehad heeft, zal meer kans lopen een kind met 'RHS' te hebben
  • Een kind dat een trauma opgelopen heeft tijdens te geboorte (zuurstoftekort)
  • Er zijn ook gevallen waar er geen duidelijke oorzaak te vinden is voor het probleem

Symptomen? Signalen? Klachten?

Elk kind is anders en de signalen/symptomen/klachten zijn dan ook bij elk kind anders. Het is dus heel normaal dat uw kind niet aan elk van deze symptomen/signalen/klachten voldoet. Meestal worden 'RHS - kinderen' in twee subgroepen onderverdeelt: in een "actieve groep" en een "passieve groep" met daarbijhorend dan de volgende symptomen/klachten/signalen:

  • Het kind is erg afwijzend tegenover zijn ouder(s)
  • De wereld ziet het kind als een allemansvriendje
  • Het kind haalt streken uit.
  • Weglopen, een poosje van thuis weg blijven
  • Een continue machtsstrijd tussen kind en ouder(s)
  • Gezinsleden tegen elkaar opzetten
  • Drang naar negatieve aandacht
  • Het kind waant zich altijd de ontschuldig
  • Het kind kan woede-uitbarstingen krijgen voor het minste
  • Liegen, manipuleren, chanteren, egoïstisch zijn
  • Agressief gedrag, vooral tegen de ouder(s)
  • Het kind heeft problemen met zijn eigen emoties die in geen tijd kunnen omwisselen
  • Het kind heeft met veel mensen een oppervlakkig contact
  • Het kind moet altijd onmiddellijk bevredigd worden in zijn behoeftes
  • Moeilijk verbaal en non-verbaal contact kunnen leggen, vooral met de ouder(s)
  • Leerproblemen
  • Slecht kunnen concentreren
  • Impulsief gedrag vertonen
  • Altijd, overal aandacht vragen, meer negatief dan positief soms
  • Hard zijn tegenover mensen; zowel leeftijdsgenoten als ouderen en jongere kinderen
  • Gulzig zijn

Onderzoek?

  • Maak (op een blad papier) een lijst met alle storende kenmerken die u bij uw kind gewaar bent
  • Leg het lijstje dat u hierboven vind (of op andere internetsites) ernaast en bekijk of er gelijkenissen,/verschillen zijn
  • Doe deze lijstjes mee naar uw huisarts, hij kan u dan doorverwijzen indien nodig.
  • U kunt ook raad vragen aan het CLB
  • U kunt ook raad vragen aan het RIAGG

Kindermishandeling en kinderverwaarlozing

Wat? Soorten?

Kindermishandeling is een overkoepelende naam voor 2 verschillende zaken: eerst en vooral de mishandeling op zich, en daarnaast ook voor verwaarlozing. Bij het woord "kinder"mishandeling bedoelen we dat er praktijken worden uitgevoerd met mensen onder het 18de levensjaar die op geen enkel vlak een bijdrage zijn aan de levenskwaliteit noch opvoeding van het kind. Kindermishandeling en verwaarlozing zijn situatie's waarin het kind geweld ervaart op enig welk vlak: zowel psychisch, sociaal als fysiek. Onder geweld kunnen we heel wat verstaan:

  • Lichamelijke mishandeling 
    • is het fysiek (lichamelijk) pijnigen van een kind al dan niet met een reden
    • Het kan dus gaan over slaan, schoppen, stampen, snijden, verbranden, duwen,... Hier kunnen we dus kinderen aantreffen met botbreuken, blauwe plekken, kneuzingen, brandwonden enzovoort
  • Lichamelijke verwaarlozing
    • is het kind geen actie's aanbieden krijgt om in een goede lichamelijke gezondheid te kunnen verkeren.
    • Voorbeelden daarvan kunnen zijn: het kind geen eten geven, het kind geen (aangepaste) kledij geven, het kind geen nachtrust gunnen, het kind geen gezondheidszorg aanbieden,...
  • Emotionele mishandeling:
    • bij deze vorm van mishandeling kan het kind worden verweten, krijgt het te horen dat het kind ongewenst is, dat het  nergens in slaagt, dat het te dom is, dat het lelijk is enzovoort. Deze kinderen krijgen na verloop van tijd een minderwaardigheidsgevoel of zelfs een minderwaardigheidscomplex.
  • Emotionele verwaarlozing
    • dit type verwaarlozing is te herkennen doordat het kind geen liefde krijgt, geen veiligheidsgevoel kent bij die volwassene, het kind kan zonder reden worden gestraft enzovoort
  • Seksuele mishandeling en verwaarlozing 
    • is de meest besproken vorm van mishandeling. Het gaat hier om situatie's inzake seksualiteit, waarbij het kind betrokken wordt, desondanks het kind daar met zijn leeftijd nog (lang) niet rijp voor is. Het zijn activiteiten die kaderen in de behoeftebevrediging van de volwassene. We kunnen seksuele mishandeling in 3 verschillende subgroepen delen:
      • verbale seksuele intimidatie
        • onaangepaste aanspreekvormen (hé jij lekker ding!)
        • dubbelzinnigheden (heb jij een poes?)
        • uitnodigingen met bijbedoelingen (als ik je onderbroek mag zien, mag je mee doen)
      • fysiek seksuele intimidatie
        • geslachtsdelen betasten boven of onder de kledij
        • uitkleden
        • verkrachting
      • non-verbale intimidatie
        • kinderporno
        • een kind laten toekijken bij geslachtsgemeenschap
        • een kind vb een condoom kado doen,...
    • We verstaan hieronder vb: het moeten aanraken van genitaliën, het kind die zich voor het plezier van de volwassene moet uitkleden, verkrachting, kinderporno, actieve seksuele handelingen met het kind, het kind dat moet toekijken tijdens geslachtsgemeenschap,...
  •  Institutionele verwaarlozing:
    • daaronder verstaat men dat een systeem (maatschappij, kinderdagverblijf,...) de behoeften van het kind niet opvangt en/of daarop in gaat. Die behoeften kunnen op gelijk welk vlak zijn: van het eten geven tot de rechten van het kind niet respecteren
  • Munchausen Syndroom by Proxi
    • Dit is een bijzondere soort kindermishandeling waarbij de ouder of verzorgen van het kind ervoor zorgt dat het kind opzettelijk ziek wordt of ziek verklaard wordt terwijl er niets hapert.

Wie?

Uit onderzoek is gebleken dat de meeste gevallen van kindermishandeling of kinderverwaarlozing in het gezin zelf plaatsvinden, maar dat is niet altijd zo. Er zijn immers heel wat mensen waar het kind een vertrouwensrelatie mee heeft: de (stief)ouders, de (stief)broers/zussen, de grootouders, de tante's en nonkels, de buren, de kinderopvangpersoneelsleden, de verdere familieleden, de leerkrachten, onbekenden,... In de meeste gevallen blijkt dat de mishandeling of verwaarlozing plaatsvind tussen het kind en een (zéér) gekende persoon.

Het kind zelf neemt in de meeste gevallen de schuld op zich. Tijdens de verwaarlozing of mishandeling kan het kind door de dader ook te horen krijgen dat het z'n eigen schuld is. "Als jij nou geen zo'n akelig joch was, dan moest ik je niet opsluiten". Het kind voelt zich schuldig voor de situatie en geeft zichzelf ook  de schuld voor de narigheid waarbij het betrokken is. Nog zo'n gekend voorbeeld is: "als jij wat flinker was geweest, dan was je moeder niet van me weggegaan. Het is jou schuld!". Niet verwonderlijk dat het kind een minderwaardigheidgevoel krijgt...

Zowiezo raken kinderen door de situatie in de war: ze kennen de dader als een goed persoon (wanneer we bij tante op bezoek zijn, is mama lief tegen me), maar ze kennen de dader eveneens als iemand waar ze ellende mee krijgen (maar als we thuis komen, dan stuurt ze me meteen naar m'n kamer en wil ze me niet meer zien).

Risicofactoren? Oorzaak?

De oorzaak van kindermishandeling of kinderverwaarlozing is erg moeilijk te achterhalen. Is er in alle gevallen wel een oorzaak of een aanleiding? Toen men onderzoek deed naar de aanleiding tot mishandeling of verwaarlozing, zijn er wel een aantal factoren naar voren geschoven geweest die blijkbaar vaak met elkaar linken. Het zijn risicofactoren in de gezinssituatie waarbij bleek dat er iets vaker sprake was mishandeling - verwaarlozing:

  • Sociaal geïsoleerde gezinnen
  • Mensen met verslavingen
  • Mensen met psychiatrische problemen
  • Mensen met zware gezinsproblemen
  • Mensen met een voorgeschiedenis in mishandeling of verwaarlozing

Risico?

Aan mishandeling of verwaarlozing zijn een resem risico's verbonden waar je zowiezo niet naast kunt kijken:

  • Zware lichamelijke letsels die evenwel blijvend kunnen zijn
  • Dood
  • Kinderen die mishandeld geweest zijn lopen ook meer kans om een minder stabiel gezin op te bouwen in hun eigen toekomst
  • Zware psychische en emotionele trauma's, die evenwel ook blijvend kunnen zijn
  • Problemen met het leggen en behouden van sociale relatie's
  • Problemen met zindelijkheid, slapeloosheid, groei en ontwikkeling (ontwikkeling op fysiek, sociaal en psychisch vlak),...
  • Ernstige fobiën, grote scheidingsangst of verlatingsangst,...
  • Ernstige schuldgevoelens
  • Slechte lichamelijke gezondheid
  • Slecht slaappatroon
  • Angsten (bindingsangst, verlatingsangst,...)
  • Weinig zelfvertrouwen
  • Teruggetrokkenheid, antisociaal, passiviteit, schaamte...
  • Agressie t.o.v leeftijdsgenoten, jongere of oudere mensen, dieren,...
  • Destructief gedrag, afzetting tegen gezag, normen en waarden
  • Gevoelloosheid
  • Concentratiestoornissen, rusteloosheid, weinig inzet in schoolgebeuren

Symptomen? Signalen? Klachten?

Kindermishandeling is niet eenvoudig op te merken omdat:

  • Kindermishandeling ook signalen heeft die aan een andere oorzaak te wijten kunnen zijn
  • Kindermishandeling is en blijft een delicaat onderwerp
  • Kinderen zijn meesters in camouflage
  • Volwassenen staan soms (moedwillig) niet stil bij de mogelijkheid dat een kind mishandeld kan worden
  • Kinderen bang zijn voor de consequentie's die de dader zal hanteren als zij erover praten met iemand.

Hoe dan ook is het heel belangrijk om toch de signalen te kennen van kindermishandeling

  • Signalen van lichamelijke mishandeling
    • Blauwe plekken
    • Schaafwonden
    • Kneuzingen
    • Snij-, steek-, bijtwonden
    • Botbreuken
    • Brandwonden
    • Inwendige bloedingen
    • Uitspraken van het kind over pijn gedaan worden
    • Bang om geslagen te worden
    • Onmogelijke verklaringen voor verwondingen of pijn
    • Bang om naar de dader te gaan
  • Signalen van lichamelijke verwaarlozing
    • Het kind bedelt, steelt of heeft honger
    • Vertraagde ontwikkeling (fysiek, psychisch, sociaal)
    • Onvoldoende of onaangepaste voeding en verzorging
  • Signalen van emotionele verwaarlozing
    • Angst om een relatie aan te knopen
    • Overdreven drang naar affectie
  • Signalen van emotionele mishandeling
    • Depressie
    • Angst
    • Faalangst
    • Zelfmoordneigingen
    • Slaapstoornissen
    • Laag zelfbeeld
    • Doen alsof het kind al volwassen is
  • Signalen van seksueel misbruik
    • Seksueel overdraagbare aandoeningen (soa's)
    • Verwondingen aan geslachtsdelen en anus
    • Zwangerschap
    • Negatief lichaamsbeeld
    • Zelfverminking
    • Pijn in de bovenbenen, geslachtsdelen of anus
    • Extreem seksueel gekleurd gedrag of uitspraken
    • Ongewone kennis van seksualiteit gezien de leeftijd va het kind
    • Seksuele toenadering van het kind t.o.v volwassene
  • Signalen in het gedrag en zelfbeeld van het kind
    • Negatief zelfbeeld
    • Gevoelloosheid
    • Rusteloosheid of hyperactiviteit
    • Depressief, teruggetrokken, verdrietig,...
    • Destructief, agressief,...
    • Plotse gedragsveranderingen
  • Signalen in het gedrag  van het kind tegenover andere kinderen
    • Destructief, agressief
    • Achterdochtig, moeilijk sociale relatie's opbouwen en behouden
    • Ongeliefd bij kinderen
    • Waakzaam
    • Gevoelloos
  • Signalen in het gedrag van het kind tegenover volwassenen
    • Waakzaam
    • Angstig
    • Volgzaam
    • Afwijkend gedrag bij vb ouders dan bij de juf
  • Signalen in het gedrag van de ouders tegenover het kind
    • Het kind is vaak afwezig van school
    • Ouder reageert agressief op het kind
    • Ouder is onverschillig over de opvoeding, schoolwerken, verzorging, gevoelens,... van het kind
    • Ouder heeft sterke negatieve uitlatingen over het kind
    • Ouder zet het kind onder prestatiedruk, onaangepast aan de leeftijd
  • Signalen van risicofactoren in een gezinssituatie
    • Slechte algemene hygiëne in het gezin
    • Stress in het gezin
    • Verslaving(en) in het gezin
    • Ongewenste zwangerschap
    • Regelmatig verhuizen, veranderen van school, veranderen van job,...
    • Psychische ziekte
    • Sociaal isolement
    • Partnermishandeling of verwaarlozing
    • Voorgeschiedenis van mishandeling, verwaarlozing, misbruik,...
    • Andere culturen
    • ...

Onderzoek?

Met de deur in huis vallen tegenover ouder(s) of andere verantwoordelijke(n) is zowiezo geen optie. Heb je een gegrond vermoeden van mishandeling of verwaarlozing, dan is het best om iemand aan te spreken die het kind kent en er verantwoordelijk voor is zoals de directie, de kleuterjuf, de onthaalmoeder,... Zij kunnen verdere stappen ondernemen indien nodig. Er zijn verschillende instantie's die kunnen helpen: Childfocus, de kindertelefoon, CLB, het kinderrechtencommissariaat, kind in nood of Kind en Gezin

Behandeling?

De behandeling (opvolging) van kindermis(be)handeling bestaat uit de volgende stappen:

  • Het bieden van een veilige plek aan het kind
  • Confrontatie van de dader met de praktijken
  • Hulpverlening inroepen voor het kind, dader(s) én betrokkene(n)
  • Afbouwen van hulpverlening en doorverwijzing

Munchausen by Proxi

Wat?

Munchausen By Proxi is een vorm van kinderverwaarlozing die nog weinig gekent is tot nog toe. Bij deze vorm van kinderverwaarlozing komt diegene met het syndroom (in de meeste gevallen is dit de moeder) heel bezorgd en liefdevol over tegenover het kind maar in werkelijkheid is het diezelfde moeder die het kind ziek maakt of de ziekte probeert te simuleren.
Met andere woorden: men maakt het kind ziek (door het toedienen van een overmatige hoeveelheid medicijnen, verwondingen toe te brengen aan het kind, infecties te creeëren etc) en loopt dan een reeks verzorgend/verplegend/geneeskundig personeel af met als vraagstelling: "wat is er met mijn kind; het is ziek." De reden tot deze vorm van kindermishandeling ligt meestal bij het obsessief zoeken naar aandacht van de "dader" uit.

Wie?

Jonge kinderen zijn meestal het slachtoffer.
In het verleden heeft men kunnen aantonen dat mensen met een ziekte (ongeacht fysisch, psychologisch of sociaal) sneller geneigd zijn tot deze praktijken, zeker wanneer die persoon zelf een medische/verpleegkundige opleiding achter de rug heeft gehad (en eventueel niet heeft kunnen afronden).

Risico?

Ernstige verwondingen, letstels en in sommige gevallen kan de situatie ook tot de dood van het slachtoffer leiden. De situatie is natuurlijk ook psychologisch ingrijpend: mensen rouwen, voelen medeleven met de familie, kinderen lopen trauma's op, gezinnen gaan kapot... Anderzijds is het ook vaak zo dat deze kinderen een minder goed functionerend sociaal leven erop na houden: ze worden vaak van school gehouden omdat ze "ziek" zijn, vrienden kunnen niet op bezoek komen want het kind is ziek etc.

Oorzaken?

Het is niet eenvoudig om dergelijke situatie's te kunnen terugvinden omdat het meeste van de kindermishandeling in gezinsverband plaatsvind. Er zou wel een lichtje moeten branden als men merkt dat het kind uitzonderlijk veel van school word afgehouden, als het kind uitzonderlijk vaak (verschillende) medische onderzoeken moet ondergaan, als het kind moeilijk uitleg kan geven over de reden van zijn ziekte/verwonding, als er geen duidelijke informatie kan gegeven worden waaraan het kind zou lijden, als er geen aanwijsbare redenen zijn van de ziekte,

Behandeling?

Wanneer er duidelijk kan aangetoont worden dat het kind te maken heeft met een "dader die aan munchausen by proxi" lijdt, zal men er trachten voor te zorgen dat het kind niet meer in contact hoeft te komen met de persoon in kwestie. Daarnaast zal men natuurlijk het kind onderzoeken en behandelen (fysiek en psychologisch). Men zal de (familiale) situatie onderzoeken (omgang tussen slachtoffer en "dader", typische rituelen tussen de twee partijen, specifieke kenmerken die naar munchausen kunnen wijzen etc). Men zal ook nagaan of het beter is dat het kind (tijdelijk) in een ander gezin dient geplaatst te worden of dat er enige andere stappen noodzakelijk zijn. Tot slot wordt er ook beslist of het noodzakelijk is dat er een juridisch proces gestart wordt, met daarbijhorend een behandeling voor de 'dader'.

Wanneer u het vermoeden heeft dat u iemand kent die in deze situatie verkeert, dan is het aangeraden om het vertrouwenscentrum voor kindermishandeling te raadplegen. Zij kunnen een onderzoek starten en indien dat nodig is, ook verdere stappen ondernemen. Wees wel op uw hoede voor onterechte beschuldigingen want deze kunnen voor lastige en ingrijpende situatie's zorgen.

Oudermishandeling en ouderverwaarlozing

Wat?

Ouderenmis(be)handeling is een veel minder besproken onderwerp dan kindermis(be)handeling. Nogtans zijn beiden even erg. We spreken van oudermishandeling als de oudere persoon handelingen moet ondergaan door een professionele of persoonlijke (on)gekende, waarbij het slachtoffer op één of andere manier hinder/schade ondervindt. Die schade kan zowel materieel, sociaal, lichamelijk of psychisch zijn en kan uitmonden tot (volledige) afhankelijkheid.

Daarnaast kunnen we onder oudermis(be)handeling ook verstaan dat de persoon in kwestie onvoldoende (be)handelingen krijgt of ondergaat waardoor er ook schade/hinder optreed. Ook dit kan materiële, lichamelijke, psychische of sociale schade zijn die ook kan leiden tot (volledige) onafhankelijkheid.

Wie? Risicofactoren?

Onder een "oudere" verstaan we mensen die ouder zijn dan 55 jaar. De mishandeling kan zowel plaatsvinden door iemand die de oudere privé als professioneel kent. Vb: familie, vrienden, arts, verpleegkundigen,... Een risicofactor van ouderenmis(be)handeling is onder andere de afhankelijkheid van de zorgvragende (de oudere). Daarnaast zijn ook mensen met bepaalde ziekten en/of aandoeningen (zowel psychisch als lichamelijk) ook risicogroepen. En tot slot is de relatie van de zorgvragende t.o.v de verzorgende (al dan niet familie) ook belangrijk, denk maar aan familie-conflicten.

Soorten?

Er kan op verschillende vlakken sprake zijn van mishandeling: (daaronder enkele voorbeelden)

  • Fysieke of lichamelijke mishandeling
    • Slaan, schoppen, porren, trekken, duwen, sleuren, knijpen
  • Psychisch of geestelijke mishandeling
    • Verwijten, vernederen, kleineren, extreem benadrukken wat hij/zij niet kan,
  • Sociale mishandeling
    • Eenzaam achterlaten, niet omkijken naar, privacy oneerbiedigen, ...
  • Seksuele mishandeling
    • Oneerbiedige aanrakingen, bejaarde laten uitkleden, bejaarde naakt achter laten, seksuele handelingen
  • Financiële - administratieve mishandeling
    • Geld stelen, oudere dwingen om papieren te tekenen/invullen,...
  • Verwaarlozing
    • Nalaten om de oudere (volledig) te helpen bij noodzakelijke verzorging, (noodzakelijke) medicijnen weigeren toe te dienen

Symptomen? Signalen? Klachten?

  • De oudere maakt een gespannen indruk als de perso(o)n(en) in de omgeving zijn 
  • De oudere krijgt de gelegenheid niet om alleen met professionele hulpverleners/andere gerelateerden te praten
  • De oudere weert de persoon die hem misnoeging brengt
  • De oudere ziet er eenzaam, depressief, angstig, onverzorgd uit
  • De oudere merkt op dat er zaken in de omgeving verdwijnen, veranderen
  • De oudere heeft duidelijk geen goed contact met de hulpverlener/gerelateerde

Let altijd op met beschuldigingen, maar tracht zelf na te gaan of de beschuldiging al dan niet gegrond is. Dat kan men op verschillende manieren doen: door te luisteren naar de oudere en de "dader", nota's te nemen en te rapporteren aan hulpverlenende instantie's. Geef geen van beiden een gevoel van "jij bent fout" en "jij bent juist"; blijf neutraal. Probeer ook niet om de held te zijn door de "pleger/dader" op de vingers te tikken of de angst van de oudere weg te wimpelen. Als de situatie uit de hand dreigt te lopen, kan men ook altijd een huisarts contracteren om te informeren. In sommige gevallen kan men de oudere op een andere plaats onderbrengen, maar dat is niet altijd een oplossing

Voorbeeldsituatie's:

"Komaan Charles, sta nou es op!" roept z'n dochter gehaast. Ondertussen trekt ze ruw aan z'n arm teneinde hem uit bed te forceren. De dag nadien heeft Cherles een blauwe plek.

Monique (92) is net terug uit het ziekenhuis na een spoedopname. Ze was onwel geworden na het middagmaal maar haar toestand bleef ziederogen achteruit gaan. Achteraf bleek dat iemand haar een suikerwafel gegeven had, terwijl Monie een stikt diabeten-dieet moet volgen.

José (82) is ten einde raad: z'n enige zoon is gisteren langs geweest om geld van hem te vragen. Ofschoon... geld van hem te "eisen". Als José weigerde, dan zou z'n zoon nooit meer langskomen.

"Anna-tje, we komen later wel terug hoor meisje, maar nu moeten Mieke en ik eerst de bedden opmaken..." Weg zijn de verzorgsters, terwijl Anna (69 en dementerend) in haar ondergoed in de kamer staat. Anna krijgt het koud en het wordt nog slechter als de verzorgsters ook nog de deur laten open staan.

Karel (25) doet de weekelijkse boodschappen van Yves (68) omdat Yves niet goed te been is. Wat Yves wel altijd verontrust is dat hij nooit een betalingsbewijsje te zien krijgt van Karel. Als hij erom vraagt, dan heeft Yves het gevoel dat Karel z'n vraag ontwijkt met antwoorden als "och Yves, dat heb ik al weggegooid hoor" of "dat heb ik niet gekregen van de kassierster". Op een dag vind Yves dan toch een betalingsbewijsje terug in één van de zakken koopwaar en merkt hij dat er meer geld uit z'n portefuille gehaald is dan nodig was voor de inkopen.

Mira (89) zit al een lange tijd met een verkoudheid. Erg vervelend maar ook gevaarlijk op haar leeftijd. Mira laat de huisarts dan ook langskomen en die schrijft haar een paar medicijnen voor. Als Mira de voorschriften dan ten goede trouw afgeeft aan haar dochter, neemt zij die mee maar gaat de medicijnen niet afhalen. Een paar dagen later vraagt Mira ongeduldig naar de medicijnen, maar haar dochter heeft al een antwoord klaar: "mams, weet jij wel wat die dingen kosten tegenwoordig?!" Mira voelt zich achteruit gestoken en onbelangrijk.

In het rusthuis waar Elisabeth (82) verblijft is er een kamer tekort door verbouwingswerken aan de vleugel waar Elisabeth tot nog toe steeds woonde. De verzorgsters weten niet waar gelopen met Elisabeth en besluiten haar daarom maar om het washok te geven. Daar moet ze een paar nachten blijven tot de werken gedaan zijn. Vervelend is dat Elisabeth niet uit bed kan, geen tv heeft, geen lampje noch een alarmbelletje.

Behandeling?

De behandeling moet in theorie over 2 wegen verspreid worden: 

  •  de oudere (het slachtoffer)
  • de dader (hulpverlener, kennis, familie, vrienden....)


Het is goed om weten dat de dader niet altijd de intentie had om te mishandelen/verwaarlozen maar dat hij/zij zelf in een situatie kan verkeren waardoor dit één van de weinige oplossingen leek voor die persoon. Denk maar aan de onderstaande voorbeeld-situatie's.

Schizofrenie

Wat?

Schizofrenie is een aandoening die als kenmerk heeft dat men af en toe de grip op de realiteit verliest. Men heeft 'psychotische periodes'.

Oorzaken?

Schizofrenie zou een aandoening zijn die te wijten is aan een afwijking in de hersenfunctie. Het zou gaan om een afwijking in de activiteit van sommige neurotransmitters. (zie 'neurologische aandoeningen')

Symptomen? Signalen? Klachten?

De symptomen kan men in 4 groepen onderverdelen met hun specifieke subgroepen.

  • Stoornissen in het waarnemen
    • Visuele, Somatische, akoestische, reuk-, gevoels-, smaakhallucinaties
  • Stoornissen in het denken
    • Autisme
      • Leven in een eigen denkwereld
    • Echolalie 
      • Herhalen wat iemand gezegt heeft
    • Incoherentie
      • Eigenaardige denkwijze
    • Magisch denken 
      • Onrealistisch denken
    • Mutisme 
      • Korte zinnen, korte antwoorden, ..
    • Neologismen
      • Zelf nieuwe woorden maken
    • Versperring
      • Plotseling stopzetten van psychische activiteiten
    • Wanen
      • Vreemde dingen geloven
  • Stoornissen in de psychomotriek (= denken en handelen)
    • robotachtig bewegen
    • passief zijn
    • iemand's bewegingen nadoen
    • bewegingsloosheid
    • vreemde gezichten trekken
    • spierverstijving
    • steeds terugkerende bewegingen
    • vreemde houdingen aannemen
  • Stoornissen in het gevoel
    • oppervlakkige gevoelens
    • geen plezier meer kunnen beleven
    • alle gevoelens verloren zijn
  • Stoornissen in de stemming
    • Depressie (zie ook op deze pagina)

Behandeling?

Medicamenteuze behandeling:
Antipsychotica

Psychotherapie:
Individuele psychotherapie
Begeleiden van de omgeving

HOME